Architectuurgids Delft

1990-2010: Tijd voor transformatie

Tegen het einde van de twintigste eeuw heeft Delft zijn grenzen bereikt. Dankzij slimme grondonderhandelingen, eerst met de gemeente Schipluiden en later ook met Den Haag, slaagt de gemeente erin alsnog nieuwbouwlocaties te verwerven en te ontwikkelen. Kassen maken plaats voor huizen, een veilingterrein verandert in een moderne woonwijk, op sportvelden prijken nu kantoren. En, waarschijnlijk de opvallendste transformatie: de trein gaat ondergronds.

 

We schrijven 1990. Delft is vol. De laatste nieuwbouwhuizen verrijzen aan de rand van Tanthof. Onder de naam ‘binnenstedelijke bouwlocaties’ is in 1980 een begin gemaakt met verdichting van de bestaande structuur. Delft onderhandelt met de gemeente Schipluiden over grondruil. Dit resulteert in de Hoornse Hof, waarbij een park en een deel van een kassengebied worden opgeofferd voor woningen en een nieuw park.

 

Andere invulling

Steeds meer vertrouwde gebieden krijgen een andere invulling. Het Doelengebied wordt na het succesvolle experiment in de Schutterstraat uitgebouwd tot een kwalitatief hoogwaardig woongebied. Voor het zuidelijke deel van de binnenstad wordt een studietraject ingezet. Vijf ontwerpteams maken zonder programma een plan. Met de uitkomsten daarvan worden definitieve keuzes gemaakt voor de verdere planvorming en ontwikkeling van de stad. Aan de Schieoevers verdwijnen oude industrieŽn. In plaats daarvan wordt van noord naar zuid hoofdzakelijk woningbouw ontwikkeld.


Vrijwel gelijktijdig doet de overheid een stapje terug. De markt neemt een deel van de invulling van de ruimtelijke ontwikkeling over. Er worden overeenkomsten gesloten met ontwikkelaars en bouwcombinaties. Proper-Stok ontfermt zich over de Hoornse Hof en zorgt ervoor dat zelfs het bestemmingsplan niet meer door de gemeente gemaakt hoeft te worden. Het plan behelst mooie woningen in een betoverend verhaal van architect/stedenbouwkundige Ashok Balothra, supervisor van Kuiper Compagnons. Het is een typisch voorbeeld van een projectontwikkelaarsplan, waarbij de openbare ruimte wordt geminimaliseerd.

 

Parkeergarage

Voor Zuidpoort valt na een lange periode van plannen maken, onderhandelen en wisselingen van adviseurs de keuze op Bouwfonds MAB. De gemeente moet uiteindelijk water bij de wijn doen ten aanzien van het te realiseren programma en het bouwvolume om de zo vurig gewenst parkeergarage binnen te halen.
Nadat een aantal arbitraire plannen in de binnenstad al dan niet door de welstandscommissie zijn goedgekeurd, wordt de discussie over acceptabele architectuur nieuw leven ingeblazen. Na het verschijnen van de nota Kijkwijzer, waarin een structuur wordt gegeven voor het beoordelen van nieuwbouw in een bestaande omgeving, luwt de politieke discussie, zij het maar voor even.
Een heuse architectuurprijsvraag wordt uitgeschreven voor twee-onder-een-kapwoningen aan de rand van Tanthof. De winnende ontwerpen worden daadwerkelijk gebouwd en zorgen voor een fraaie begrenzing van deze Delftse uitbreidingswijk.


Een tweede grondruil met Schipluiden levert een aantal mogelijkheden voor nieuwbouw op. Het veilingterrein van Den Hoorn en de Harnaschpolder worden aan het Delftse grondgebied toegevoegd. Een deel van de Harnaschpolder wordt aangewend voor woningen. De eerste paal gaat in 2009 de grond in, ruim tien jaar later dan de Hoornse Hof, waar het gebied op aansluit.
De Delftse Poort, gelegen aan de noordelijke ontsluiting van de A13,  is dankzij de aanwezigheid van het Zweedse woonwarenhuis IKEA een succesvolle bedrijfslocatie geworden. Het IKEA-complex krijgt een forse uitbreiding op de voormalige vuilstort, er komt zelfs een hotel. Daarmee gaat een lang gekoesterde wens van de gemeente en IKEA in vervulling.

 

Autoluw

Intussen krijgt de autoluwe binnenstad steeds meer vorm. Eerder zijn parkeergarages gerealiseerd aan de west- en zuidzijde (respectievelijk de Phoenix- en de Zuidpoortgarage) van de stad. Nu is de oostzijde (Koepoortbrug) aan de beurt. De realisatie loopt vertraging op door bodemproblemen, maar begin 2010 wordt deze derde garage dan eindelijk in gebruik genomen. De openbare ruimte blijft onder de aandacht en na de succesvolle aanpak van de Beestenmarkt, die uitgroeit tot een sfeervol, autovrij horecaplein, worden ook de Brabantse Turfmarkt/Burgwal en de Markt heringericht.


Buiten de binnenstad vindt renovatie en nieuwbouw plaats in de Wippolder, het Heilige Land en de Poptahof. De transformatie van de spoorzone krijgt na een lang voorbereidingsproces een voorzichtig groen licht. De spoorlijn komt ondergronds te liggen. Het Delftse architectenbureau Mecanoo maakt voor de bebouwing bovengronds een ontwerp. De ingang van het station wordt gecombineerd met een nieuw stadskantoor dat als het ware de stationshal onder zijn hoede neemt.

 

De zorgsector verandert. Op diverse plaatsen in de stad worden multidisciplinaire gezondheidscentra gebouwd. Ingrijpende plannen voor nieuwbouw op het ziekenhuisterrein worden achterhaald en afgeslankt uitgevoerd.

 

Campus

Ook de TU-wijk is aan verandering onderhevig. Oude gebouwen worden afgestoten of gestript en verbouwd en krijgen een nieuwe bestemming. Bovendien worden er nieuwe onderwijs- en onderzoeksinstituten gebouwd. Een TU-bibliotheek van internationale allure verrijst naast de aula van de TU Delft en de Mekelweg verandert in een park.

 

De vraag naar studentenhuisvesting blijft toenemen, mede door de komst van de Haagse Hogeschool en de nieuwbouw van INHolland op de vrijgekomen gronden in de TU-wijk. De toename van het aantal short stay buitenlandse studenten in Delft vraagt om ander soort huisvesting . Naast nieuwbouw op de TU-campus worden plannen ontwikkeld om in een aantal oude TU-gebouwen studenteneenheden te realiseren.


Ten zuiden van de Kruithuisweg wordt Technopolis ontwikkeld. Nadat eerder met succes sportvelden zijn omgetoverd in kantorenpark Delftech, vestigen innovatieve bedrijven zich op dit nieuwe bedrijventerrein voor de kennisintensieve industrie.

Zoek gebouwen in Delft
Periode
Kaart
zoeken op de kaart